Taal is bij uitstek het middel om met elkaar in contact te komen en een
boodschap aan elkaar door te geven of van elkaar te ontvangen. In het
taalonderwijs wordt aandacht besteed aan leren praten, luisteren naar wat
anderen zeggen en het reageren daarop. We leren onze leerlingen ook hun eigen
mening onder woorden te brengen.
Vanaf groep 1 wordt veel aandacht besteed aan voorlezen, praten, luisteren,
gedachten onder woorden brengen en reageren op anderen. Bij de kleuters wordt
o.a. gebruik gemaakt van de methode: “Taalplezier”.
Ook in de groepen 3 t/m 8 besteden we aandacht aan deze mondelinge
taalontwikkeling o.a. door kinderen de kans te geven spreekbeurten te houden,
kringgesprekken te laten voeren, hen te laten oefenen met het voordragen van
gedichten en door het houden van boekbesprekingen.
In groep 3 maken we voor lezen, taal en spelling gebruik van de methode Veilig
leren lezen.
Vanaf groep 4 wordt gebruik gemaakt van de methode "Taal op maat". In deze
methode wordt veel aandacht besteed aan spreken en luisteren, woordenschat,
taalbeschouwing en stellen.
Taal op maat is een methode voor alle kinderen. Iedereen heeft een taalboek en
schrift. Volgens een herkenbare structuur wisselen leerkrachtgebonden en
zelfstandig werklessen elkaar af. Op de taalkaarten vinden de kinderen
opdrachten die wat meer inzicht en creativiteit verlangen (meesterwerk). Voor
extra hulp of oefenwerk zijn de hulpbladen (maatwerk). Er is ook extra aandacht
voor taalzwakke en anderstalige kinderen.
Uiteraard proberen we de kinderen foutloos te leren schrijven, ook met “Taal op
maat”.
De lessen ‘spellen’ beginnen in groep 4. Instructie en zelfstandig werken
wisselen elkaar af. Aan het eind van de week maken de kinderen een dictee. De
woorden zijn ingedeeld in spellingscategorieën, zodat de kinderen oog krijgen
voor de overeenkomsten en verschillen.
Naast het afnemen van dictees, worden de spellingresultaten in de groepen 3 t/m
7 ook nog 2 x per jaar gemeten met behulp van de CITO spellingtoets. In groep 8
wordt deze 1x afgenomen.
Het lezen begint al in de kleutergroepen d.w.z. dat de kinderen daar al klanken
leren onderscheiden en bezig zijn met het herkennen van lettergrepen en
woorddelen. In deze periode krijgen de meeste kinderen belangstelling voor
letters en woorden. Het lezen wordt gestimuleerd door gedurende de hele
schoolperiode het voorlezen als vast onderdeel van het programma te laten
terugkomen, in de onderbouw uiteraard wat vaker.
In groep 3 beginnen de kinderen "officieel" met het leren lezen.
We werken al enkele jaren (naar volle tevredenheid) met de nieuwe methode
"Veilig leren lezen (nieuwste versie)". De kinderen leren letters, klanken en
gaan hiermee woorden vormen. De techniek van het lezen wordt de kinderen
bijgebracht.
Het technisch lezen wordt voortgezet in de groepen 4 t/m 8, met de methode
“Estafette”, een methode die geheel aansluit bij het niveau van de kinderen!
Naast technisch lezen gaat het begrijpend en studerend lezen een steeds
belangrijker rol spelen. Weten wat je leest is belangrijk bij alle
wereldoriënterende vakken, maar ook bij het raadplegen van tal van
informatiebronnen.
Vanaf groep 4 gebruiken we de methode: "Goed gelezen". In de school en soms
deels in de klas is een uitgebreide bibliotheek aanwezig. Wij stimuleren het
gebruik van deze biebboeken om ook op deze manier kinderen de "liefde voor het
boek" bij te brengen.
Iedere leerling in de bovenbouw heeft of krijgt een eigen bibliotheekpas in
verband met ons geautomatiseerde uitleensysteem.

“Een boek kiezen uit de bibliotheek…”