|
| |

Ook voor het vak rekenen wordt op onze school veel tijd ingeruimd. In de
groepen 1 en 2 wordt spelenderwijs aandacht besteed aan de rekenvoorwaarden.
Begrippen als groot/klein, meer/minder, veel/weinig en evenveel komen dagelijks
spontaan aan de orde. Ook telspelletjes zijn in het programma opgenomen. Middels
leerlijnen en tussendoelen is dit inzichtelijk gemaakt.
We werken we een goede realistische reken- en wiskundemethode ‘Pluspunt’.
"Realistisch" houdt in dat de methode uitgaat van het dagelijkse leven en niet
louter rijtjes aanbiedt. Natuurlijk leren onze leerlingen nog steeds optel- en
aftreksommen, vermenigvuldigingen, staartdelingen en breuken. Daarnaast leren de
kinderen werken met grafieken en tabellen. De methode “Pluspunt” onderscheidt
zich voornamelijk van andere rekenmethoden doordat er sprake is van een
evenwichtige verdeling tussen leerkrachtgebonden lessen en lessen zelfstandig
werken. Daarbij worden de kinderen gestimuleerd om zelf oplossingen te bedenken
voor rekenopgaven, of voor rekensituaties in de praktijk. Ook wordt ruimte
gegeven om met elkaar te overleggen over de aanpak van een probleem, en de
leerlingen krijgen de kans om de door hen gehanteerde oplossingsstrategieën met
elkaar te vergelijken. Zo leren kinderen van elkaar en met elkaar.
Deze rekenmethode biedt ons genoeg mogelijkheden om op een verantwoorde manier,
op verschillende niveaus, bezig te zijn met het reken- en wiskundeonderwijs.
|