logo.jpg (12303 bytes) Prinses Margrietschool Nieuwegein

            ***meer dan 30 jaar school met een hart! ***

Home Terug Reacties Zoeken Nieuws internat. project Anglia - Engels

Hoofdluis

 

Sinds enkele jaren is op onze school een controleteam voor hoofdluis actief. We willen graag voorkomen dat kinderen besmet raken met hoofdluis. Daarom wordt er elke week na een vakantie van 1 week of meer gecontroleerd. Natuurlijk verwachten we ook dat ouders thuis hun kind(eren) regelmatig controleren. Meer informatie hierover kunt u op school krijgen.

Algemene informatie over hoofdluis.(bron: GGD)
 
1. Wat zijn hoofdluizen ?
Hoofdluizen zijn kleine grauwe beestjes van ongeveer 3mm lengte. Ze leven van menselijk bloed en komen vrijwel uitsluitend op de hoofdhuid voor. Een luis leeft ongeveer 1 maand.
Volwassen luizen leggen zo’n 6 à 8 eitjes per dag, de neten. Hoofdluizen zijn beestjes die houden van warme plekjes. Hun eitjes kitten zij dan ook bij voorkeur vast aan de haren op de warmste plaatsen van het hoofd zoals onder de pony, achter de oren en in de nek.
Neten komen na 7 tot 9 dagen uit. De jonge luis kan na 7 tot 9 dagen weer nieuwe eitjes leggen. Het aantal luizen kan zich op deze manier explosief vermeerderen.
 
2. Wat zijn neten ?
Neten zijn de eitjes van de hoofdluis. Ze worden gekit aan de haren, direct bij de hoofdhuid en groeien met het haar mee. Ze zijn meestal wit/grijs van kleur en ongeveer 1 mm lang. Neten lijken wel wat op roos. Het verschil met roos is echter dat de neten stevig aan de haren zitten vastgekit, roos schudt of borstel je er zo uit.
 
3. Hoe krijg je hoofdluis ?
Luizen zijn overlopers en kunnen, zoals wel vaak wordt gedacht, niet springen. De besmetting vindt dan ook plaats via direct contact:
- spelende kinderen, die met hun hoofden dicht bij elkaar komen
- het gebruik van dezelfde kam, borstel of haarspeldjes
- via mutsen en jassen op een overvolle kapstok
- via verkleedkleren of zitkussens in de ‘poppenhoek’ - in volle trams, bussen enz., maar ook op de camping
- via het hoofdkussen
 
4. Hoe merk je dat je hoofdluis hebt ?
Hoofdluizen veroorzaken in principe uitsluitend jeuk. Bij de eerste besmetting treedt de jeuk echter pas na ongeveer 2 weken op. Kinderen kunnen dan al een flink aantal luizen hebben. Bij een volgende besmetting treedt de jeuk wel direct op.
Voor zover bekend brengt de hoofdluis geen ziekten over. Wel kunnen door het krabben korstjes op de hoofdhuid ontstaan, die mogelijk tot infecties kunnen leiden. Sommige kinderen zijn extra gevoelig voor het oplopen van hoofdluis. Het kan voorkomen dat één kind in het gezin steeds weer hoofdluis oploopt, terwijl de andere kinderen nergens last van hebben.
 
5. Hoe spoor je hoofdluis op ?
Thuis kun je met een stofkam de haren pluk voor pluk vanaf de hoofdhuid kammen. Dit kan het beste boven een witte handdoek, sloop of wastafel. Zorg voor goed licht. Eventueel gevonden luizen kunnen tussen de nagels worden dood geknepen of door de wastafel worden weggespoeld.
Om neten op te sporen kun je het beste de haren pluk voor pluk optillen en de hoofdhuid goed bekijken. Te beginnen op de warmste plekjes (onder de pony, achter de oren en in de nek).
Als er hoofdluizen en/of neten bij een kind gevonden zijn, is het goed om direct alle gezinsleden goed na te kijken.
 
6. Hoe behandel je hoofdluis ?
Bij apotheek of drogist zijn hoofdluisbestrijdingsmiddelen te koop. Gebruik bij voorkeur een lotion of crème (shampoo blijft te kort op het haar zitten en wordt daarom ontraden). Het is aan te raden deze behandeling na 1 week te herhalen, ook al schrijft de fabrikant dit niet direct voor. Blijf daarnaast controleren met de stofkam. Wanneer er een hoofdluisbesmetting in de omgeving heerst, is het goed de kinderen dagelijks te kammen met de stofkam.
Preventief hoofdluisbestrijdingsmiddelen gebruiken heeft geen zin. De hoofdhuid wordt hierdoor onnodig geïrriteerd en een besmetting wordt niet voorkomen.
Andere maatregelen die genomen moeten worden:
- extra goed stofzuigen, ook de (auto)banken
- het wassen van beddegoed, jassen, mutsen en verkleedspullen
- kleding of knuffels die niet gewassen kunnen worden minstens 2x24 uur in
een dichtgebonden plastic zak opbergen.
 
7. Welke bestrijdingsmiddelen zijn er ?
Loxazol ® lotion
Crinopex® lotion en shampoo
Noury® lotion
Prioderm® lotion en creme
Para-speciaal® spray
Insect-ex® shampoo en spray
Aesculon® lotion
Op dit moment gaat de voorkeur van de GGD uit naar het gebruik van Loxazol en Crinopex omdat deze middelen stoffen bevatten die niet of nauwelijks door de hoofdhuid opgenomen worden. In hardnekkige gevallen kan het raadzaam zijn om eens een ander middel te gebruiken, b.v. een middel dat een andere werkzame stof (b.v.Malathion) bevat (=Noury, Prioderm).
Hoofdluisbestrijdingsmiddelen die gemaakt zijn op basis van plantaardige stoffen (b.v. Crinopex) kunnen mogelijk leiden tot een allergische huidreactie. Ook Para-Speciaal kan een overgevoeligheidsreactie veroorzaken.
In sommige bijsluiters wordt zwemmen afgeraden tot 1 week na het gebruik van het hoofdluisbestrijdingsmiddel. Zwemwater zou de werking van het middel verminderen.
Hoofdluisbestrijdingsmiddelen worden niet door de ziektenkostenverzekeraar vergoed.
 
8. Hoofdluis op school ?
Hoofdluis komt voornamelijk bij kinderen voor. Een groot deel van de dag brengen de kinderen op school door. Scholen worden daarom ook regelmatig geconfronteerd met hoofdluisbesmettingen
 
Wat kan de school doen ?
De verantwoordelijkheid voor de verzorging van de kinderen ligt in eerste instantie bij de ouders. Dus ook het controleren op hoofdluis. Wanneer er hoofdluis geconstateerd is, is het belangrijk dat ouders zo snel mogelijk de school en ouders van vriendjes en vriendinnetjes inlichten. De school kan de leerlingen van de desbetreffende klas een briefje met deze melding meegeven voor de ouders. Door thuis dan nog eens extra te controleren op hoofdluis, kan een verdere verspreiding binnen de perken gehouden worden.